Deze tekst is auteursrechtelijk beschermd. Voetnoten en verwijzingen zijn in deze webversie verwijderd.



De komende afval van het geloof

door Robert Govett


Conclusie

   De afval van het geloof in de eindtijd zal drievoudig zijn, en zal corresponderen met de huidige door God ingestelde drievoudige verdeling van de aarde, een verdeling die wij kennen als ‘Joden, heidenen, en de gemeente Gods’ (1 Kor. 10:32 - AV).
   1. De heidenen zullen door hun afwijzing van het huwelijk en dierlijk voedsel het ‘eeuwig verbond’ van Noach verbreken, waarvan de regelmaat van de seizoenen afhankelijk is. Want dat verbond (Gen. 9) bevat een herinvoering van het huwelijk, het opofferen van dieren als voedsel voor de mens, en de invoering van de doodstraf voor moord, wat suggereert dat er ergens soeverein gezag zetelt. Maar in de laatste boze dagen zullen de mensen alle gezag weerstaan en er een einde aan maken, ook aan de doodstraf, naast de punten die al genoemd zijn. En omdat dit een verbreking is van het verbond van Noach, is God vrij om door vreselijke oordelen de natuurlijke loop en orde der dingen te verstoren (verbreken). Dan zullen nieuwe en vreselijke plagen de aarde verwoesten en ontvolken, waarover we in het boek Openbaring kunnen lezen. Daarom laat Jesaja ons de toestand van de aarde in de laatste dagen zien, die dan gebukt gaat onder de gevolgen van de vloek ‘omdat zij de wetten hebben overtreden, de inzetting ontdoken, het eeuwig verbond verbroken’ (Jes. 24:5), dat God gesloten had met Noach en zijn zonen, en met alle levende wezens (Gen. 9:9-17). Daarom ziet de profeet de aarde ontledigd, verwoest, ‘ondersteboven gekeerd’ (Jes. 24:1), want een vloek verslindt de aarde (Jes. 24:6). De zegen voor Noach en zijn zonen was: ‘Weest vruchtbaar, wordt talrijk en vervult de aarde’ (Gen. 9:1), maar de vloek maakt die zegen nu weer ongedaan: ‘(…) daarom worden de bewoners der aarde door een gloed verteerd en blijven er weinig stervelingen over’ (Jes. 24:6).
   2. Hetzelfde principe zal afvalligheid produceren bij de Jood, die de wet van Mozes zal verlaten, en na de principes van de valse Christus te hebben aangenomen en misleid te zijn door zijn misleidende geesten, zich zal verbinden aan de persoon van de valse Christus. Als dierlijk voedsel en het huwelijk onwettig zijn, is de God van het Oude Testament niet de ware God, en waren de dierenoffers wreed, onnodig, en de aanbidding van de Allerhoogste onwaardig. Wie zulke gedachten huldigt, is geen gelovige jood meer. En zulke gevallen van geloofsafval worden door de profeten voorzegd. Daarom zegt de Here over Zijn handelwijze met Israël in de laatste dagen: ‘Ik zal u onder de herdersstaf doen doorgaan en u brengen in de band van het verbond. Ik zal de weerspannigen uit u uitschiften en hen die tegen Mij overtreden hebben (…)’ (Ez. 20:37-38a). ‘Dan trekt men rond, gedrukt en hongerig, en wanneer men hongert, zal men in woede uitbarsten, en zijn koning en zijn God vervloeken, en men zal de blik omhoog richten (…)’ (Jes. 8:21). Zo is er in Jesaja 65:11-16 ook een lange oproep aan hen ‘die de Here verlaten’, met vreselijke dreigingen van toorn tegen hen, maar ook beloften van zegen voor Zijn dienstknechten. Ook Daniël toont ons in zijn elfde hoofdstuk het verbond tussen de afvalligen en de valse Christus, waar zij hem helpen bij zijn plannen als hij het dagelijks offer wil verbieden (Dan. 11:28-32).
   3. Ten slotte: het aannemen van deze gedachten zal het geloof van veel belijdende christenen vernietigen, waarna zij zullen overgaan tot de valse religie of ‘de leugen’ van de mens der zonde. Dit werd al eerder aangetoond. Wanneer dan het verbond van Noach, het verbond van Mozes en de genade van de Here Jezus met voeten getreden worden, zal de wraak van de Here in alle hevigheid de oordelen van de vloek over de aarde brengen. Concluderend moeten wij opmerken dat de morele oorzaken die de aanvaarding van de principes van de antichrist zullen versnellen, in omvang vreselijk zijn toegenomen en dat wij vandaag de dag overal om ons heen hun verwoestende invloed kunnen waarnemen. Het is belangrijk dat wij die invloeden kunnen onderscheiden. Laat ik tot slot de drie belangrijkste van deze principes noemen:
   1. Het eerste principe is ‘louter formalisme in de godsdienst’, dat gepaard gaat met een innerlijke ‘moeheid’ met betrekking tot de waarheden van God. In de laatste dagen zal er een schijn van godsvrucht zijn, terwijl de kracht daarvan verloochend zal worden (2 Tim. 3:5). En omdat de waarheid niet in de harten van de mensen is, zullen zij er moe van worden, er genoeg van krijgen en iets nieuws willen. Zij zullen voor uiterlijk vertoon kiezen, voor welsprekendheid en voor predikers die voor spanning, sensatie en opwinding in de samenkomst kunnen zorgen. Dan zullen zij bereid zijn om te luisteren naar de nieuwe leringen van de misleidende geesten. En omdat zij de waarheid niet liefhebben, maar een welgevallen hebben in de ongerechtigheid, zal God in Zijn rechtvaardig oordeel hun een dwaling zenden, die bewerkt dat zij de leugen van Satan geloven (2 Thess. 2:9-12).
   2. De tweede oorzaak van de afval is de afwezigheid van een goed geweten, of het gebrek daaraan. In de brief aan Timotheüs wordt dit vier keer genoemd: ‘En het doel van alle vermaning is liefde uit een rein hart, uit een goed geweten en een ongeveinsd geloof. Door dit spoor te verlaten zijn sommigen vervallen tot ijdel gepraat (…)’ (1 Tim. 1:5-6). En opnieuw: ‘(…) met geloof en met een goed geweten. Omdat sommigen dit hebben verworpen, heeft hun geloof schipbreuk geleden’ (v. 19). Zie ook 1 Timotheüs 3:9 en 2 Timotheüs 1. In al deze passages wordt duidelijk geleerd dat het heel belangrijk is om te leven met een onbesmet geweten, en alles op te geven wat wij in Zijn licht in strijd met Gods wil achten. Maar helaas! Hoevelen hebben een besmet en kwaad geweten! Zij hebben licht van God ontvangen, dat veel verkeerde dingen in hun leven aanwees (privé en zakelijk), maar zij willen die dingen niet opgeven uit angst voor reputatieschade (gezichtsverlies), verlies van de sympathie en vriendschap van werkgever en collega’s, verlies van bezit en inkomen dat zij hard nodig hebben, enzovoort. Voor dezen is de waarheid niet aantrekkelijk, omdat zij veroordeelt, en daarom wordt de valse leer verwelkomd als een zachte kalmerende zomerbries die een geprikkeld geweten in slaap sust. Hoe angstwekkend dichtbij kan de afval van het geloof genaderd zijn tot de gelovige die zijn geweten bewust besmet!
   3. Ten slotte: als reden voor de afval wordt hebzucht genoemd: ‘Maar wie rijk willen zijn, vallen in verzoeking, in een strik, en in vele dwaze en schadelijke begeerten, die de mensen doen wegzinken in verderf en ondergang. Want de wortel van alle kwaad is de geldzucht. Door daarnaar te haken zijn sommigen van het geloof afgedwaald en hebben zich met vele smarten doorboord. Gij daarentegen, o mens Gods, ontvlucht deze dingen! (1 Tim. 6:9-11) We hoeven maar even om ons heen kijken om te kunnen concluderen dat hebzucht een zonde is die heel veel voorkomt in onze tijd, en zelfs vergoelijkt of gerechtvaardigd wordt door gelovigen: ‘Weet wel, dat er in de laatste dagen zware tijden zullen komen: want de mensen zullen zelfzuchtig zijn (…)’ (2 Tim. 3:1-2a). De afval is dus niet meer ver weg. Deze zonden zijn als elektriciteit die de lucht vult met de zware donkerheid en vreselijke kracht van de donderstorm. Moge de Here ons trouw houden! Mag ik mijn broeders in de bediening aanmoedigen om dit onderwerp te bespreken met de heiligen die zich binnen hun invloedssfeer bevinden? Want het is een beproefd middel in de dienst van de Here. ‘Als gij dit de broeders voorhoudt, zult gij een goed dienaar van Christus Jezus zijn (…)’ (1 Tim. 4:6).
   Er zijn helaas veel gelovigen die zich hebben laten wijsmaken dat de wereld binnenkort bekeerd zal worden door de gemeente, maar door de komende grote afval zal hun geloof ernstig aan het wankelen gebracht worden!