cover

Inkijkexemplaar

Recensies

ISBN: 9789491706554
eBook | Paperback | iBook
14 cm X 21 cm
710 pages
Verschenen: juli 2016
Omslag: Joax, Rotterdam

De Bijbel en homoseksualiteit - een hermeneutiek van de relevante bijbelteksten

Robert Gagnon

€ 14,99

bestelbutton

Prof. dr. P. A. Siebesma - de auteur van het voorwoord - studeerde semitische talen en letterkunde aan de Rijksuniversiteit te Leiden. Daar promoveerde hij op een onderwerp over de grammatica van het bijbels Hebreeuws. Hij is docent Oude Testament, Hebreeuws en wereldgodsdiensten aan de Christelijke Hogeschool Ede (CHE) en buitengewoon hoogleraar godsdienstwetenschappen en missiologie aan de Evangelische Theologische Faculteit (ETF) te Leuven. Daarnaast is hij docent Hebreeuws aan het Instituut Da'at in Lunteren en doet hij onderzoek naar de rabbijns-joodse uitleg van het Oude Testament.

Lees hier zijn voorwoord (pdf). Lijst met aanbevelingen (pdf).

Let op: het eBook bevat geen index. De paperback uiteraard wel.

   Prof. dr. Robert A. J. Gagnon, van 1994 tot 21 augustus 2017 universitair hoofddocent Nieuwe Testament aan het Pittsburgh Theological Seminary, schreef dit academische boek allereerst om christenen uit allerlei gezindten materiaal te verschaffen dat gebruikt kan worden om een intern debat te voeren. Het is dus allereerst voor de christelijke gemeente geschreven. Als het over gevoelige onderwerpen gaat, waarbij voor- en tegenstanders diepgewortelde meningen hebben, valt het niet altijd mee om de knop van de emoties even uit te zetten en als volwassen mensen te luisteren naar elkaars rationele argumenten. Meestal - en dat is in veel gevallen ook verstandig - zwijg je dan maar, simpelweg omdat geen enkel weldenkend mens ’s morgens opstaat met de gedachte: laat ik vandaag eens even iemand opzettelijk gaan kwetsen in zijn of haar gevoelens. Dat is immers liefdeloos en tactloos. Een teken van een volwassen samenleving is het vermogen om tolerant te zijn. Maar wat is tolerantie nu eigenlijk precies? Ware tolerantie houdt in dat je het hartgrondig met elkaar oneens kunt zijn, ja dat je elkaars visie zelfs kunt verafschuwen, maar elkaar toch vrijheid van spreken en denken gunt. Om het met de woorden van Voltaire te zeggen: 'Ik verafschuw wat u zegt, maar ik zal uw recht om het uit te spreken met mijn leven verdedigen.' Waar deze manier van omgaan met elkaar wordt aangevallen, waar men in een keurslijf van politiek correct denken gedwongen wordt, duurt het niet lang of de rechten van een van de twee groepen worden geleidelijk aan uitgehold. Christenen moeten zich in de huidige cultuur wel duidelijk distantiëren van sektarische groepen als die van de beruchte Fred Phelps, die op ronduit schofferende, liefdeloze wijze tekeer gaat tegen de homoseksuele medemens, waarbij hij op geen enkele wijze blijk geeft van oprechte liefde en interesse voor die medemens. De apostel Paulus zei: 'Uw vriendelijkheid zij alle mensen bekend' (Filip. 4:5a).
   Soms kan een bepaalde visie natuurlijk als kwetsend ervaren worden door andersdenkenden, zonder dat men de bedoeling heeft om te kwetsen. Dat iets dus als kwetsend ervaren wordt, hoeft nog niet meteen een dringende reden te zijn om de eigen mening bij te stellen. Dan ligt het gevaar van ‘emotionalisme’ op de loer. Met name op het gebied van seksualiteit en intimiteit, dat immers over de diepste innerlijke belevingen van mensen gaat, en waar mensen dus ook het meest kwetsbaar zijn, is dat het geval. Een van die onderwerpen is homoseksualiteit (of beter gezegd: de homoseksuele praxis). Voor christenen, die een mens- en wereldbeeld hebben dat gebaseerd is op de Bijbel, kan dat bijvoorbeeld betekenen dat zij op dit punt een visie aanhangen die ingaat tegen het huidige humanistische mens- en wereldbeeld dat gebaseerd is op het 'verlichtingsdenken', waarin de mens autonoom is (zichzelf tot wet is - zelf bepaalt wat goed en kwaad is). Een van die 'andere visies' betreft het afwijzen van de homoseksuele praxis. Het afwijzen van de homoseksuele praxis is echter niet hetzelfde als (en ook niet altijd het gevolg van) 'homofobie' (een irrationele angst voor de homoseksuele medemens of de homoseksuele impulsen die iemand ervaart) of 'homohaat' (een afkeer van de persoon als mens omdat hij zich als homoseksueel identificeert, een houding die volkomen tegen de geest van het evangelie in gaat).
   Christenen zien de mens als een schepsel dat in beginsel niet autonoom is, geen zelfbeschikkingsrecht heeft, en dus niet in de eerste plaats geschapen is om voor zichzelf te leven (2 Kor. 5:15c - NBG-1951). Zij menen dat het voor de mens het beste is om zich te voegen naar de instructies van de Schepper, die beter weet wat goed is voor de mens dan de mens zelf. Zijn instructies, ook op moreel gebied, zijn bedoeld om het menselijk ras de kans te geven te floreren tot Zijn eer. In een gevallen schepping betekent dit onder andere dat mensen die zich christen noemen soms bepaalde keuzes moeten maken die misschien tegen hun gevoel ingaan, en in deze bijbels-wetenschappelijke verhandeling over homoseksualiteit - die tot op heden gezien wordt als een van de meest gezaghebbende academische werken die op pastorale wijze de orthodoxe visie verdedigt - probeert dr. Gagnon duidelijk te maken dat het bijbelse getuigenis het praktiseren van homoseksualiteit afwijst, niet omdat God de mensen die deze impulsen ervaren ‘het geluk’ wil onthouden, of omdat Hij hen niet lief zou hebben, maar omdat het niet overeenkomt met Zijn oorspronkelijke scheppingsorde (die Hij ‘zeer goed’ noemde), waarbij man en vrouw elkaar volmaakt completeren, wat inhoudt dat zij in de seksuele eenwording volledig tot hun recht komen en tot één volledige mens worden.
   Gagnon geeft aan dat er ook hoop op herstel is, wat echter geen doel in zichzelf moet worden. Voorop staat de plicht van elke christen om zichzelf op het pad van de heiliging te begeven en zodoende meer en meer veranderd te worden naar het beeld van de Here Jezus. Dat kan alleen door een proces van zelfverloochening (niet ik, maar Christus). In het laatste deel van het boek gaat Gagnon in op het wetenschappelijk onderzoek (zoals genetica en seksuele fluïditeit of elasticiteit), waaruit duidelijk wordt dat de algemeen aanvaarde gedachte ‘dat men nu eenmaal zo geboren wordt’ niet door de wetenschappelijke data bevestigd wordt (bijvoorbeeld op basis van studies naar een-eiige tweelingen). Hoe deze gedachte het publieke domein veroverd heeft, wordt overigens helder uiteengezet in een ander boek, Homosexuality and the Politics of Truth, door psychiater en psychoanalyticus dr. Jeffrey Satinover (Harvard, Yale, MIT), waarbij hij zich onder andere baseert op het boek Homosexuality and American Psychiatry: The Politics of Diagnosis, door Ronald Bayer.
   De uitgever van deze Nederlandse editie heeft dit boek met name het licht doen zien omdat ook in christelijke kringen steeds meer ruimte komt voor de acceptatie van het ‘homohuwelijk’ en voor ‘monogame homoseksuele relaties’. Dit boek maakt m.i. voldoende duidelijk dat de Bijbel dit niet goedkeurt. De uitgever hoopt met dit boek die lezers te bereiken die niet tevreden zijn met de eenvoudige, hapklare antwoorden die vaak vanuit het ‘andere kamp’ gegeven worden, maar die voor Gods aangezicht hun verantwoordelijkheid willen nemen en er daarom eerst een gedegen studie van willen maken voordat zij op dit punt een definitieve keuze maken.


Een interview met dr. Gagnon: Leadership and the Challenges of Homosexuality